Hoe verandert het klimaat in het Meetjesland?

Klimaatresultaten in meer detail.

Deze pagina toont de resultaten van klimaatmodelsimulaties in meer detail. De pagina “Hoe verandert het klimaat?” is een samenvatting met de belangrijkste resultaten.

Klimaatverandering is onzeker. Daarom hebben we de klimaatverandering in het Meetjesland onderzocht via simulaties met meer dan honderd regionale en globale klimaatmodellen. Elk model gaat uit van andere aannames. Klimaatwetenschappers nemen aan dat deze set van klimaatmodellen representatief is voor klimaatverandering. We hebben de resultaten van al deze modellen samengevat in 1 figuur per variabele. Deze pagina bespreekt de resultaten van deze figuren.

Hoe moeten we deze figuren interpreteren? Als voorbeeld toont de figuur rechts de verwachte gemiddelde toename in temperatuur tegen 2100. De cijfers onderaan stellen de maanden van het jaar voor. We hebben de resultaten van de verschillende modellen samengevat per “RCP-scenario”. Deze RCP-scenario’s stellen verschillende broeikasgasemissies voor in de toekomst. De pagina “Hoe onderzoeken we klimaatverandering?” geeft meer informatie over deze scenario’s. Binnen elk scenario zijn er ook onzekerheden. Deze worden vervat in de getoonde blokjes: de verwachte verandering valt binnen deze blokjes.

Resultaten van de klimaatmodellen

De resultaten van elk broeikasgas (RCP) scenario worden door een andere kleur voorgesteld: de laagste uitstoot (blauw, RCP 2.6) tot de hoogste uitstoot (oranje, RCP 8.5).

De hoogte van het blokje toont de modelonzekerheid binnen één scenario. De toekomstige verandering valt per scenario wellicht binnen zo'n blokje.

De 12 maanden van het jaar (januari - december).

Een concreet voorbeeld. Voor de maand juli verwachten we voor het “RCP 2.6” scenario een toename in temperatuur van 1,8°C tot 3°C in het Meetjesland. In het “RCP 8.5” scenario, waarbij meer broeikasgassen worden uitgestoten, ligt de verwachte temperatuurstijging tussen 4,2°C en 6,6°C. Welk scenario zich voltrekt hangt af van hoeveel broeikasgassen we wereldwijd blijven uitstoten. Maar we kunnen er wel van uitgaan dat de temperatuurstijging tussen 1,8°C en 3°C zal liggen.

Wat kunnen we verwachten?

De website beschrijft enkel de belangrijkste trends. Download het rapport voor een uitgebreidere analyse.

Nattere winters, drogere zomers

Het neerslagpatroon zal er in het jaar 2100 wellicht heel anders uitzien dan vandaag. De algemene trend is dat zomers droger worden, en winters natter. Voor de wintermaanden is de toename in neerslag tussen 0% en 30%, afhankelijk van het RCP (broeikasgasemissie) scenario. Voor de zomermaanden kan het om een afname in neerslag gaan van grootteorde 50%. Ook het aantal regendagen neemt af in de zomer. Tegen 2100 kan het aantal regendagen in de zomer afnemen met de helft, afhankelijk van het RCP scenario.

Hoe meer broeikasgassen we blijven uitstoten, hoe extremer de resultaten zijn. In dat geval evolueren we naar de cijfers getoond door RCP scenario 8.5 (oranje blokjes).

Nattere winters

Drogere zomers

januari

december

Algemene toename in extreme neerslag

januari

december

Extreme buien worden nog extremer

Extreme regenbuien zullen nog extremer worden in de toekomst. Buien die vandaag slechts eens in de 20 jaar voorkomen kunnen tussen 0% en 50% toenemen in de zomer, afhankelijk van het scenario. In de winter is die toename iets kleiner: tussen 0% en 30%. Het zijn dit soort neerslagbuien die leiden tot rioleringsoverstromingen. Opnieuw geldt dat hoe meer broeikasgassen we uitstoten, hoe sterker de toename zal zijn.

De figuur toont de procentuele toename in dagneerslag van extreme buien. De afwijking ten opzichte van het huidig klimaat wordt getoond.

Het wordt warmer

De figuur rechts toont de toename in maandgemiddelde dagtemperatuur. Deze temperatuur neemt toe voor alle maanden van het jaar. In de wintermaanden ligt deze toename tussen +1°C en +4°C, opnieuw afhankelijk van hoeveel broeikasgassen we uitstoten. In de zomermaanden is de toename nog groter: tussen +1.5°C en +6,5°C. Hoe meer broeikasgassen we uitstoten, hoe warmer het wordt.

Ook de minimale en maximale dagtemperaturen nemen voor alle maanden van het jaar toe met gelijkaardige cijfers.

januari

december

In de zomer is de temperatuurtoename het grootst

januari

december

De zonnestraling en verdamping nemen toe

De figuur links toont de netto maandgemiddelde inkomende zonnestraling. Deze neemt toe in grootteorde tussen 0% en 10% in de lentemaanden, en tussen 0% en 40% voor de zomermaanden tot en met september.

Ook de verdamping zal toenemen (niet getoond op de figuur) met gelijkaardige cijfers: in de lentemaanden tussen 0% en 20%, en in de zomermaanden tussen 5% en 40%. 

De windsnelheid verandert amper

De windsnelheid zal amper veranderen door klimaatverandering. De veranderingen liggen in de grootteorde van slechts -10% en +10%.

januari

december

En wat zijn de gevolgen hiervan?

Hierboven staan de veranderingen in de "klimaattoestanden" beschreven: evoluties in atmosferische-meteorologische condities zoals temperatuur, neerslag en windsnelheid.

Deze klimaattoestanden hebben ook een impact op het land. Dit worden de "klimaateffecten" genoemd: overstromingen, droogtes en hittegolven. Deze effecten worden hier besproken.

© 2019 by 

Deze website is een product van Sumaqua, opgesteld in opdracht van Veneco en Provincie Oost-Vlaanderen.