Wat kunnen we verwachten?

De website beschrijft enkel de belangrijkste trends. Download het rapport voor een uitgebreidere analyse.

Extreme droogtes zullen tot 10 keer vaker voorkomen tegen 2100

Extreme droogtes die nu eens in de 30 jaar voorkomen zullen tegen 2050 gemiddeld eens in de 6 jaar voorkomen in het Meetjesland, en tegen 2100 zelfs eens per 3 jaar. Dit vaker voorkomen van droogtes is het gevolg van de afname in zomerneerslag en de toename van verdamping.

Abnormale droogtes die vandaag eens om de 10 jaar voorkomen, gebeuren tegen 2050 eens om de 3 jaar en tegen 2100 mogelijks om de 2,5 jaar.

Voorkomen van uitzonderlijke droogtes in het Meetjesland tegen 2050. Vandaag komen zo'n droogtes eens per 30 jaar voor.

De waterbeschikbaarheid in de zomer neemt af met 28%

Tijdens de zomer wordt een sterke afname verwacht van de waterbeschikbaarheid in waterlopen. De waterbeschikbaarheid is het volume water dat door een rivier stroomt. Tegen 2050 neemt dit volume af met gemiddeld 19% in het Meetjesland, en tegen 2050 zelfs met 28%. Doorheen het Meetjesland is er een kleine variatie op deze cijfers. In de interactieve droogtekaarten kunnen deze verschillen ruimtelijk bekeken worden.

De laagste zomerdebieten in rivieren nemen af tot 70%

Ook de minimale zomerdebieten (de laagwaterdebieten) dalen in de zomer sterk door klimaatverandering. Deze afname is nog sterker dan die van de waterbeschikbaarheid, omdat de minimale debieten slechts een momentopname zijn.

Tegen 2050 verwachten we een afname van gemiddeld 50% ten opzichte van de debieten van vandaag, en tegen 2100 zelfs een reductie met gemiddeld 70%.

Deze afname in zomerdebieten is anders voor de verschillende stroomgebieden in het Meetjesland. De interactieve droogtekaarten tonen de ruimtelijke verschillen.

Daling van de minimale zomerdebieten tegen 2100.

Droogte

Welke gevolgen heeft dit?

De website beschrijft enkel de belangrijkste impacten en gevolgen. Download het rapport voor een uitgebreidere analyse.

Landbouw

Doordat de neerslagvolumes dalen en de verdamping stijgt, komen droogtes vaker voor. De impact hiervan op de landbouw hangt samen met de bodemsamenstelling: afhankelijk van het bodemmateriaal zal water beter of slechter vastgehouden worden. In het Meetjesland is 63% van de oppervlakte "gevoelig" of "zeer gevoelig" voor droogte. Dit verbaast niet aangezien het Meetjesland grotendeels binnen de zandstreek valt. Droogte zal dus een grote impact hebben op bodemgesteldheid. 

 

Precieze voorspellingen maken omtrent gewasopbrengst is zeer moeilijk. Gewassen die in de herfst en winter geplant worden (zoals wintertarwe), zullen mogelijks profiteren van de hogere CO2 concentraties en zo hogere opbrengsten hebben. Zomergewassen (zoals mais) zullen lijden onder de droogte en stijgende temperatuur. Voor lengtegewassen (zoals aardappelen en suikerbieten) wordt in de eerste decennia een toename in opbrengst voorspeld door de hogere CO2 concentraties, gevolgd door een afname in opbrengst door te hoge temperaturen.

Door de afname in waterbeschikbaarheid zullen mogelijks ook leiden tot strengere voorwaarden en beperkingen in vergunningen voor het oppompen van grondwater. De afname in riviervolumes verhindert ook mogelijks de inname van water uit waterlopen.

Droogtegevoeligheid van de bodem in het Meetjesland.

Drinkwater en productiewater

Het drinkwater in het Meetjesland is voor een groot deel afkomstig van het waterproductiecentrum Kluizen van De Watergroep. Dit centrum neemt oppervlaktewater in uit naburige beken om drinkwater te produceren. Door de lage waterkwaliteit in de zomer wordt voornamelijk water in de winter opgepompt. De afname van de zomervolumes heeft dus maar een kleine impact op de huidige productieprocessen, hoewel de kwaliteit al vroeger kan beginnen af te nemen. Door de toename in temperatuur kan daarnaast de vraag naar water zodanig toenemen dat de huidige productie niet meer voldoet. Anderzijds is er verwachte stijging van neerslagvolumes in de winter, waardoor in die periode meer water ingenomen kan worden. Eerste schattingen geven aan dat er een kleine verbetering van de waterbeschikbaarheid verwacht wordt voor het productiecentrum in Kluizen.

Veel bedrijven in Vlaanderen zijn afhankelijk van water. Nagenoeg al het water dat in Oost-Vlaanderen gebruikt wordt is afkomstig van oppervlaktewater. In de industriezones rond Evergem, Aalter en Maldegem zijn er wel enkele bedrijven die een milieuvergunning hebben om grote volumes grondwater op te pompen. Verwacht wordt dat de droogte voelbaar zal zijn in de economische sector. Mogelijks ontstaat er concurrentie om waterinname tussen de drinkwatersector en industriële toepassingen.

Locaties met vergunningen (industrie en drinkwater) voor het oppompen van grondwater.

Impact op natuur en milieu

Eén van de belangrijkste impacten van droogte op de natuur is het verlies aan biodiversiteit. Normale habitats zullen niet meer voldoen, waardoor de soorten en populaties van fauna en flora verschuiven, inkrimpen of zelfs verdwijnen. Zij zullen migreren naar plaatsen waar het klimaat wel voldoet. Tegelijk zullen exoten, uitheemse soorten, aangetrokken worden, inclusief ziekteverwekkers en aantasters. De samenstelling van ecosystemen zullen veranderen. De verwachting is dat klimaatverandering de natuurgebieden nog verder onder druk zet.

Door de afname in zomerdebieten en toename in temperatuur zal de waterkwaliteit in waterlopen en vijvers afnemen. Ecosystemen zullen hier moeilijker van kunnen herstellen. Verwacht wordt dat de afname van waterkwaliteit het sterkst voelbaar zal zijn in droogvallende waterlopen, beken, sloten en ondiepe plassen. Grote rivieren en kanalen worden daarentegen als meer klimaatbestendig beschouwd.

In het Meetjesland is ongeveer 15 km² aangeduid als "kwetsbaar" of "zeer kwetsbaar" voor verdroging. Deze gebieden bevinden zich voornamelijk in polders en kreken in het noorden. Deze gebieden zullen geïmpacteerd worden door droogte. Daarnaast is "eutrofiëring" ook van belang in het Meetjesland. Dit is de toename van voedingsstoffen in het water die leiden tot explosieve algengroei. Ongeveer 35 km² is aangeduid als (zeer) kwetsbaar voor eutrofiëring. Dit gebied zal door klimaatverandering wellicht uitgebreid worden.

Waterkwaliteitsrisico langs waterlopen en Ecotoopgevoeligheid. Open de webatlas voor meer informatie en legendes.

Interactieve droogtekaarten

Hoe werkt deze kaart?

Via interactieve kaarten kan u zelf de gevolgen van klimaatverandering bekijken. Dergelijke kaarten zijn afzonderlijk opgemaakt voor droogte, hitte en overstromingen. In de linkerkolom van de webatlas kan u "indicatoren" en "klimaateffecten" selecteren. Door één of meerdere indicatoren tegelijk te tonen met klimaateffecten kan u zelf inschatten wat de impact zal zijn.

Indicatoren

  • Bevaarbaarheid van kanalen. 
    Kanalen die geschikt zijn voor scheepvaart.

  • Daling van de waterbeschikbaarheid. Grondwatervergunningen, afzonderlijk opgelijst voor industrie, drinkwaterproductie, landbouw en veeteelt.

  • Verzilting.
    Aanduiding van de gebieden die van nature verzilt grondwater bevatten.

  • Waterkwaliteitsrisico.
    Risico's voor waterkwaliteitsverlies voor waterlopen. Dit risico is berekend als een combinatie van de categorie en de waterkwaliteitsdoelstellingen van de waterloop zelf.

  • Ecotoopkwetsbaarheid verdroging. 
    Dit is de Ecotoop kwetsbaarheidskaart, opgesteld door het Instituut voor Natuur en Bos. Deze kaart is opgesteld voor het huidig klimaat. Verwacht wordt dat het aantal kwetsbare gebieden in de toekomst (sterk) zal uitbreiden.

  • Bos- en heidebranden.
    Gebieden met bos en heide.

  • Beschermde natuurgebieden. 
    Gebieden die beschermd zijn volgens de Vogelrichtlijn, het Vlaams ecologisch netwerk of de Habitatrichtlijn.

  • Droogtegevoeligheid van de bodem. 
    Deze kaart toont de gevoeligheid van de bodem voor droogte.

Klimaateffecten

  • Toename van extreme droogte. 
    Als gevolg van langere droge periodes en toegenomen verdamping zal droogte vaker voorkomen. Deze kaarten geven weer hoe de terugkeerperiode van extreem droge gebeurtenissen verandert. De kaarten bevatten 2 extreme droogtes:

    • Uitzonderlijke droogte​. Uitzonderlijke droogtes komen nu eens in de 30 jaar voor. Deze kaarten tonen hoe frequent dergelijke droogtes voorkomen in de jaren 2050 en 2100.

    • Zeer abnormale droogte. Zeer abnormale droogtes komen nu eens in de 10 jaar voor. Deze kaarten tonen hoe frequent dergelijke droogtes voorkomen in de jaren 2050 en 2100.
       

  • Waterbeschikbaarheid​.
    Ook de waterbeschikbaarheid zal afnemen. Deze kaarten tonen de afname in zomervolumes en minimale zomerdebieten in waterlopen.

    • Zomervolumes. Procentuele afname van de  zomervolumes voor de jaren 2050 en 2100, telkens in vergelijking met het huidig klimaat.

    • Minimale zomerdebieten​. Procentuele afname van de minimale zomerdebieten in waterlopen voor de jaren 2050 en 2100, telkens in vergelijking met het huidig klimaat.

Meer weten over de kaartlagen? Klik dan op het "informatie" icoontje en op een datalaag zoals hier rechts op de figuur getoond. Een veel uitgebreidere beschrijving is ook terug te vinden in het rapport dat bij deze website hoort.

 

© 2019 by 

Deze website is een product van Sumaqua, opgesteld in opdracht van Veneco en Provincie Oost-Vlaanderen.